U bent hier: Home / Nieuws / Nieuws items / Chinese vrijwilligers: nu ook in België? Naar een verplichte gemeenschapsdienst voor langdurig werklozen?

Chinese vrijwilligers: nu ook in België? Naar een verplichte gemeenschapsdienst voor langdurig werklozen?

Onderzoek in het kader van de Leerstoel ‘Duurzame, rechtvaardige en zorgzame samenleving’ met de steun van Beweging vzw-ACV

Zowel het federale als het Vlaamse regeerakkoord stellen de invoering van een verplichte gemeenschapsdienst in het vooruitzicht. Het zou gaan om twee halve dagen per week verplichte en onbetaalde arbeid, op straffe van schorsing van de uitkeringen. Die gemeenschapsdienst zou zelfs deel uitmaken van een traject naar regulier werk.

Op het eerste gezicht lijkt het idee redelijk en aantrekkelijk: in de Verenigde Staten, Australië en Groot-Brittannië is de ‘workfare’ (work + welfare, of werk gekoppeld aan uitkeringen) al langer operationeel. Ook Nederland laat sinds de Participatiewet van 2014 zijn langdurig werklozen, gehandicapten, bejaarden en bijstandscliënten klussen in ruil voor een uitkering of verzorging. En bij ons kent het principe ‘voor wat, hoort wat’ in de publieke opinie heel wat bijval. Toch duiken er in de praktijk heel wat bezwaren op:

  • 1. de Britse workfare is tot op heden het meest rigoureus onderzocht - met controlegroepen en meerdere meetpunten. Het netto-effect op de herinschakeling op de arbeidsmarkt is quasi-nihil na twee jaar. De vraag is of dit opweegt tegen alle kosten en spanningen die de uitvoering van het programma met zich meebrengt. Dit minieme effect wordt toegeschreven aan een combinatie van factoren: voor sommige langdurig werklozen zal de gemeenschapsdienst inderdaad een stap naar herintegratie betekenen. Anderen krijgen eerder de valse indruk dat ze al aan het werk zijn en zoeken minder intensief naar betaald werk. Wanneer geschoolde krachten gratis beneden hun scholingsniveau aan het werk gezet worden, worden ze opgezadeld met het stigma dat ze geen werk op hun eigen niveau aankunnen en verminderen hun kansen. Soms belet de gemeenschapsdienst hen zelfs om vorming te volgen of werk te zoeken;
  • 2. bij de bovenvermelde effectmeting is nog geen rekening gehouden met de negatieve neveneffecten op andere werkenden en werkzoekenden. En die zijn er uiteraard. Want minstens een deel van workfare-arbeiders doen werk dat anders door gewone betaalde werkkrachten zou verricht worden. Op die manier vernietigt de overheid meer werk dan ze er creëert. Bovendien ondermijnt dat gratis flexwerk de lonen en arbeidsvoorwaarden onderaan de arbeidsmarkt, waardoor het aantal werkende armen dreigt toe te nemen. Niet voor niets heeft de Belgische RVA zich tot op heden zelfs erg streng opgesteld t.a.v. (echt) vrijwilligerswerk door werklozen - precies uit vrees dat dit nefaste neveneffecten zou hebben op reguliere tewerkstelling;
  • 3. grootschalige verplichte programma’s voor jonge of langdurig werklozen (zoals workfare of vormingsplicht) hebben in het verleden geleid tot lage kwaliteit - gewoon omdat de overheid nog minder dan de privébedrijven in staat is om voor honderdduizenden mensen tegelijk een passend aanbod te verzekeren;
  • 4. het concept vertoont juridische haken en ogen. De Britse overheid heeft alvast de wind stevig van voren gekregen. In enkele gevallen werd zij veroordeeld wegens disproportionele sancties, omdat de lijn tussen verplichte gemeenschapsdienst en dwangarbeid erg dun is. Een verplichte gratis werkprestatie waar de werkzoekende niet op voorhand voor getekend heeft - onder dreiging van sancties - kan onder de noemer dwangarbeid vallen. Vakbonden en ngo’s hebben - met succes - werkzoekenden gesteund om zich tegen hun gemeenschapsdienst te verzetten en tegen de overheid te procederen bij sancties. Zij hebben een ware boycot georganiseerd (boycottwork-fare.org) die de inspanningen van de overheid om workfare-plaatsen te vinden bemoeilijkt en het imago van goed bestuur schaadt. Het valt te verwachten dat ook de Belgische vakbonden en sociale organisaties zich niet onbetuigd zullen laten. Onze regeringen zullen na al het straatprotest van het voorbije jaar nog weinig zin hebben in nieuwe confrontaties met de sociale sector?

Het is duidelijk dat de verplichte gemeenschapsdienst geen evenwichtig idee is. Laat de overheid beginnen met de RVA-regelgeving in verband met vrijwilligerswerk te versoepelen en tegemoet te komen aan de legitieme verzuchting van werklozen om zich nuttig in te zetten in écht, vrij gekozen vrijwilligerswerk. En laat haar daarnaast investeren in échte tewerkstelling, en in kwaliteitsvolle ondersteuning van werkzoekenden.

Rapport

Auteurs

  • Wouter Schepers, onderzoeker
    KU Leuven, HIVA - Onderzoeksinstituut voor Arbeid en Samenleving
  • Ides Nicaise, onderzoeksleider                  
    KU Leuven, HIVA - Onderzoeksinstituut voor Arbeid en Samenleving